Onderwijs: zorgenkind in Latijns-Amerika

Basisonderwijs voor alle kinderen, jongens én meisjes. Volgens de millenniumdoelstelling zou dat in 2025 een feit moeten zijn. De doelstelling wordt in Latijns-Amerika lang niet gehaald.

Kinderen kunnen niet naar school

Gedwongen door de armoede, gaan in Latijns-Amerika en de Caraïben nog altijd 6,5 miljoen kinderen niet naar school. Het onderwijs is bovendien vaak ondermaats door onder andere een gebrek aan goed opgeleide leraren. Daarom zet Onze Kleine Weeskinderen zich voor zoveel mogelijk kwetsbare kinderen in zodat ze naar school kunnen gaan. Want leren lezen en schrijven is dé manier om de armoedecirkel te doorbreken.

Getuigenis vanuit het veld

Jean Erisnor (schooldirecteur, Onze Kleine Weeskinderen Haïti):
“Onze kinderen komen uit gevaarlijke, arme wijken.”

“De kinderen die naar mijn school komen zijn wees, of hebben nog één ouder en zijn slachtoffer van de armoede. Alleen onderwijs kan ervoor zorgen dat deze kinderen een plek in de maatschappij krijgen. Ik denk daarbij aan het verhaal van een van onze jongens. Zijn moeder was overleden en zijn vader kende hij niet. Hij leefde bij zijn oma en een oudere broer. Hij at maar één keer per dag: de maaltijd die hij bij ons op school kreeg. Vaak was hij armoedig gekleed, soms liep hij op blote voeten. Wat mij vooral trof was zijn doorzettingsvermogen: hij wilde zó graag naar school. Als wij hem niet hadden geholpen, zou hij moederziel alleen op straat zijn terechtgekomen.”

Daphnee: ‘NPH opende mijn ogen én mijn wereld’

Daphnee groeide op in een landelijk stadje in Guatemala, vlakbij de Acatenango-vulkaan. Daphnee is de oudste van vier en woonde samen met haar ouders en haar oma. Ze leefden volgens de Maya-tradities en spraken enkel de Kaqchikel-taal. In de streek leeft meer dan 67% in armoede en bijna 15% zelfs in extreme armoede.

Niet naar school

De familie van Daphnee had een piepklein huisje, de muren waren van hout en gips en lekkende zinken platen vormden het dak. Er was niet altijd elektriciteit en geregeld ook geen water. Daphnee hielp haar vader op het veld, zorgde met haar mama voor hun kippen, vee en paarden, sprokkelde brandhout en hielp met koken en schoonmaken. Op het land werken was haar opleiding, en ze kende niets anders. ‘Naar school gingen we niet, onze ouders hadden ons nodig om geld te verdienen.’ Er is dan ook zeer weinig werk in Acatenango, de meesten zijn actief in de landbouw. Dat verdient slecht en als de huur is betaald, hebben veel ouders moeite om hun kroost te voeden.

NPH vangt ze op

In september 2011 waren hun ouders de voogdij over hun kinderen kwijt vanwege de slechte leefomstandigheden en het gebrek aan adequate ondersteuning voor Hilario, de kleine broer van Daphnee. Die was toen twee jaar oud en leed aan ernstige ondervoeding. Dat veroorzaakte mentale achterstand en een slechte groei, iets wat hem vandaag nog steeds treft.

Daphnee en haar broers en zus werden toen bij NPH Guatemala opgevangen. Die zou hen de nodige medische en psychologische hulp en onderwijs bieden.

Een toekomst

Tot ze 9 was, sprak Daphnee geen Spaans. Nu is ze 19 en met succes afgestudeerd. Daphnee leerde de waarde van voedsel en dat het hard werken is om het te krijgen, maar dankzij NPH was ze in staat om naar school te gaan. Zonder de hulp van onze donateurs, zou ze geen echte vooruitzichten hebben gehad. NPH helpt kinderen van het platteland via onderwijs en het creëren van toekomstige
kansen. ‘NPH opende een nieuwe wereld voor mij.’

Wat werd er gerealiseerd in 2021?

Het afgelopen jaar 2021 was voor veel mensen een moeilijke last om te dragen. Zowel hier bij ons, als in de rest van de wereld, moesten heel wat ongelukkigen zware tegenslagen verwerken. In Latijns-Amerika en Haïti nam de bestaande problematiek van armoede, honger, instabiliteit en geweld zelfs ronduit dramatische proporties aan. Door de aanhoudende COVID-19 crisis werd de negatieve spiraal alleen maar sterker.

Toch is er voor hen hoop! Dankzij de giften van onze donateurs konden we het voorbije jaar écht ondersteuning bieden aan vele hulpeloze kinderen.

Bolivia

Er werd een pad naar school aangelegd en we installeerden met succes een waterzuiveringssysteem voor gezond en veilig water.

Haïti

We boden veel ondersteuning aan wie getroffen werd door de aardbeving. Onze teams konden 21 opvangplaatsen bouwen, waaronder twee scholen. 10 gezinnen die op moeilijk bereikbare plaatsen woonden, gaven we financiële hulp en materialen voor de heropbouw van hun huis. Bijna 450 gezinnen hielpen we met voedsel en drinkwaterpakketten.

Dominicaanse Republiek

Op 4 november huldigden we het eerste deel van het One World Surgery Outpatient Center in, naast het kinderdorp. Daar helpen we de meest kwetsbare families met dringende medische noden van de nabijgelegen gemeenschappen.

Honduras

We hielpen meer dan 2.000 door storm getroffen families, bouwden 11 nieuwe huizen en openden een opvanghuis voor 20 kinderen van alleenstaande ouders. Tot slot kregen we er 12 vrijwilligers bij en richtten we een aangepaste ruimte voor gehandicapte kinderen in.

Nicaragua

We zorgden ervoor dat kinderen en jongeren lessen, workshops en fysiotherapie in een veilige omgeving konden volgen en gaven hen een snack, lunch, schoolvervoer en medische hulp als dat nodig was. In totaal waren 253 leerlingen ingeschreven en studeerden 48 af.

Peru

We hielpen een tweede gezin met ons One Family-programma. Marcelino, 7 jaar, verliet ons NPH huis om te re-integreren met zijn moeder.

Levi en Rina hebben een toekomst dankzij u

Levi was een 4-jarig jongetje dat door de Hondurese politie werd gevonden terwijl hij op straat ronddoolde. Alleen, verlaten, naakt.

‘Doorgangshuis’ Casa Mi Esperanza

Zijn kwetsbare situatie trok de aandacht van de politie. Uiteindelijk bracht die hem naar Casa Mi Esperanza, een ‘doorgangshuis’ van NPH Honduras in Catacamas. Daar bieden ze een veilige
omgeving voor kinderen die vanuit een onstabiele woonsituatie komen, in afwachting dat ze terechtkunnen bij hun familie of een ander kindertehuis.

Levi die lacht
Levi in ons kinderdorp

Op zoek naar familie

Het personeel van Casa Mi Esperanza ging op zoek naar Levi’s familie. Toen bleek dat ook zijn zus Rina, die 7 jaar oud was, zich in een vergelijkbare erbarmelijke situatie bevond. Hun mama, Rosa, was een alleenstaande moeder met een gehoorstoornis en een verstandelijke beperking. Ze was zeer impulsief en nam haar kinderen vaak mee terwijl ze op straat flessen inzamelde om wat geld te verdienen. Met veel problemen tot gevolg. Omdat Levi bang was om de straat over te steken, liet zijn moeder hem aan de andere kant van de straat staan en vervolgde haar weg. De kinderen gingen niet naar school en kregen vaak enkel chips en frisdrank. Ze werden blootgesteld aan ziekten en meermaals wilden mensen hen zelfs ontvoeren!

Rina en Levi omarmen elkaar
Rina en Levi

Opvang in het kinderdorp van NPH Honduras

Het was duidelijk dat Levi en Rina niet genoeg bescherming kregen, en er een schrijnend geldgebrek was om in hun basisbehoeften te voorzien. Omdat het risico op verwaarlozing zo groot was, kregen de kinderen op 23 november 2020 opvang in het kinderdorp van NPH Honduras. Daar werden ze door ons NPH-team liefdevol verwelkomd en verzorgd. Ze krijgen er alle aandacht en zorg die ze nodig hebben.

Hun aanpassingsproces verliep zeer goed. Ze hebben een sterke band, omhelzen elkaar en spelen graag samen. Toen Rina op de Ranch kwam, kon ze niet lezen en schrijven. Nu is ze zeer blij om naar school te kunnen gaan. Ze houden ondertussen contact met hun familie via onze NPH-maatschappelijk werkers.

Gelukkig vonden Levi en Rina een veilige thuis bij NPH dankzij de ondersteuning van onze donateurs.

Kunnen zijn wie je bent, daar staat Chicas Poderosas (Krachtige Meisjes) voor!

“Wat ik het leukste vind van mijn deelname aan Chicas Poderosas is dat ik veel over mezelf leer. Hier kan ik mij uiten en dat geeft me een heel goed gevoel!” – Valeria in Guatemala

Enkele jaren geleden startten we voor meisjes in Bolivia, Guatemala, Honduras en Mexico, het programma: ‘Chicas Poderosas’, dat ‘Krachtige Meisjes’ betekent. En dat zegt precies waar we naar streven: meisjes, tussen 10 en 24 jaar, in een machistische cultuur te steunen en te leren om in hun kracht te staan, hun potentieel ten volle te benutten en voor hun rechten op te komen. Dat doen we onder meer door discussies, workshops en excursies te organiseren.

Gevaar voor jonge meisjes en vrouwen in Latijns-Amerika

In de landen waar we actief zijn lopen jonge meisjes en vrouwen voortdurend gevaar. Velen worden gediscrimineerd, achtergesteld, misbruikt of zelfs vermoord. Ze kunnen zichzelf niet zijn en hebben vaak het gevoel minderwaardig te zijn.

Een gevoel van minderwaardigheid en niet verwerkte trauma’s worden overgedragen op hun dochters. Dit kan een negatieve invloed hebben op de dochter die het gedrag aanleert en het weer doorgeeft aan haar kinderen.

Machistische structuren en institutionele tekortkomingen

De basis voor gender gerelateerd geweld wordt gevormd door machistische structuren, maar ook door institutionele tekortkomingen.

De cijfers in de landen waar we werken liegen er niet om:

Ook in onze kinderdorpen horen we ook van de kinderen die naar onze scholen gaan of bij ons wonen over de vooroordelen die er heersen binnen hun eigen gezin tegenover meisjes.

Zoals Marta, die sinds 2015 deelneemt aan het Chicas Poderosas programma in Mexico, zegt: “Ik hoor vaak dat jongens nuttiger zijn dan meisjes, of dat ik als vrouw geen mannenwerk kan doen”.

Volgens haar is het programma een kans om aan zichzelf te werken en te leren. “Ik heb veel dingen over mezelf en mijn omgeving geleerd die ik niet wist” zegt ze met een glimlach.

Marta wil landbouwkundig ingenieur worden

Ons doel: meisjes zoals Marta helpen

Met het “Chicas Poderosas” programma willen we meisjes zoals Marta helpen.

Dit doen we door ons, samen met de meisjes en adolescenten, te richten op de ontwikkeling van hun ‘innerlijk kompas’; een positief zelfbeeld te ontwikkelen, hun zelfkennis, zelfvertrouwen en veerkracht te vergroten, alsook hun socio-emotionele ontwikkeling en relationele vaardigheden te bevorderen.

De omstandigheden waaronder het programma moet functioneren zijn echter uitdagend. Slecht uitgeruste lokalen, te weinig leermiddelen en onvoldoende fondsen voor excursies, bemoeilijken een goede werking van het programma voor de programmacoördinator en de meisjes.

Kunnen zijn wie je bent!

Zoals u merkt, staat persoonsgebonden ontwikkeling centraal in het programma Chicas Poderosas, met veel aandacht voor het opbouwen van zelfvertrouwen, zelfkennis en zelfbeeld.

Het is belangrijk om een ruimte te creëren waarin elk meisje en adolescent het gevoel heeft dat ze vrij is om zich te uiten en zichzelf te kunnen zijn.

Ons streven is meisjes en adolescenten te leren ‘hun mannetje te staan’ in de maatschappij. Zelfstandige en zelfverzekerde vrouwen, die hun plaats opeisen in de maatschappij en durven te zijn wie ze willen zijn, zullen een positief domino-effect hebben op de volgende generaties.

De impact van het programma Chicas Poderosas op deze meisjes is groot. In Guatemala, bijvoorbeeld, merken de begeleidende psychologen dat de deelnemende meisjes zekerder zijn van zichzelf en nadenken over hun professionele toekomst. Ook de cijfers onderschrijven dit: van de 30 meisjes die momenteel meedoen aan het programma in het kinderdorp, zijn 16 meisjes al naar de universiteit gegaan en 10 andere meisjes staan op het punt om zich in te schrijven.

Geef hun vleugels

Wordt ambassadeur van deze meisjes en geef hun vleugels! Ons project in Guatemala werd door de Warmste Week gekozen! Zie hoe u ons kunt helpen op hun website.

Chicas poderosas en Hombres de honor

Elk jaar is het op 11 oktober Wereldmeisjesdag en wordt er stilgestaan bij de rechten en vrijheden van meisjes.

Chicas poderosas

Bij NPH hechten we veel belang aan de rechten van alle kinderen. Daarom startten we enkele jaren geleden voor meisjes een apart programma: ‘Chicas Poderosas’, wat ‘krachtige meisjes’ betekent. En dat is precies het doel: hen steunen en in staat stellen hun potentieel ten volle te benutten en voor hun rechten op te komen. Dat doen we onder meer door discussies, workshops en excursies.

Girls throwing flowers in the air
Hombres de Honor

NPH Honduras startte met een vergelijkbaar programma voor jongens, ‘Hombres de Honor’, ‘mannen van eer’. Het doel is om hen een veilige ruimte te bieden waar ze zich kunnen uiten, openlijk kunnen praten over hun ervaringen en kunnen bijleren over onderwerpen die hen aangaan.

Straatkinderen: zij hebben ook rechten

Ondanks de goedkeuring in 1989 door de Verenigde Naties van het Internationaal Verdrag inzake de rechten van het kind, worden deze rechten in vele landen niet geëerbiedigd. En straatkinderen lopen de meeste kans dat hun rechten worden geschonden. Volgens UNICEF leven ongeveer 120 miljoen kinderen in de wereld op straat, waarvan 60 miljoen in Zuid-Amerika.

Wie zijn deze straatkinderen?

60 miljoen kinderen leven in extreme armoede in Latijns-Amerika. Deze kinderen leven op het vuilnisbelt, in stations of onder bruggen in grote steden. Zonder enige vorm van bescherming en basisonderwijs is de toekomst van straatkinderen uitzichtloos en is hun levenskwaliteit slecht. Zij hebben vaak meervoudige trauma’s en hun toekomstperspectief is een leven in armoede.

Waarom leven deze kinderen op straat?

Het fenomeen van straatkinderen heeft vele oorzaken. De combinatie van zowel familiale, economische, sociale als politieke factoren speelt een belangrijke rol in hun situatie. Het is vaak heel moeilijk om slechts één specifieke oorzaak aan te duiden: zij zijn specifiek voor elk kind en kunnen met de tijd veranderen. Armoede speelt echter een belangrijke rol. Sociale factoren zoals familie, mishandeling of verwaarlozing thuis of in de gemeenschap liggen ook vaak aan de basis van hun vertrek naar de straat. Andere aanleiding zijn natuurrampen, oorlogen, enz.

Een kwetsbare situatie voor straatkinderen

Straatkinderen bevinden zich in een kwetsbare situatie omdat er geen volwassene is die voor hen zorgt, zij geen adequaat onderdak hebben of bij de geboorte niet zijn geregistreerd. Zij leven in een omgeving die over het algemeen als gevaarlijk wordt omschreven. Zij worden blootgesteld aan een groot aantal risico’s: drugs, seksueel en/of lichamelijk misbruik, uitbuiting, bendelidmaatschap, honger, ziekte en een afnemende geestelijke gezondheid. Naast de stigmatisering en sociale uitsluiting waarmee zij worden geconfronteerd, hebben zij vaak te maken met een discriminerend rechtssysteem dat misbruik maakt van hun kwetsbaarheid om hen te criminaliseren. Aldus worden veel van de rechten van straatkinderen geschonden.

“De Staten die partij zijn, erkennen het recht van ieder kind op een levensstandaard die toereikend is voor de lichamelijke, geestelijke, intellectuele, zedelijke en maatschappelijke ontwikkeling van het kind.”

Artikel 27 van het Internationaal Verdrag van de Verenigde Naties inzake de rechten van het kind

Kinderbescherming bij Onze Kleine Weeskinderen

Net zoals in een familie geven wij de meest kwetsbare kinderen een warme en veilige thuis. We bieden hen medische zorg, gezonde voeding en kwalitatief onderwijs, zowel in onze kinderdorpen als in de arme gemeenschappen.

Jongens en meisjes groeien veilig op in onze kinderdorpen. Ze weten dat ze er niet weggestuurd worden, noch gescheiden worden van hun broers en zussen. Wij zijn ervan overtuigd dat liefde en veiligheid onze kinderen de mogelijkheid bieden om zich voor te bereiden op de wereld van morgen.

Zie hier wat onze kinderen te zeggen hebben op de internationale dag van de rechten van het kind:

HONDURAS – Na een paar maanden op straat werd Manuel in onze kinderdorp opgevangen.

Van de straat naar een liefdevolle thuis: dat is het geluk van Manuel

Het verhaal van Manuel is helaas niet zo anders dan dat van de vele kinderen die in de grote steden van Midden- en Zuid-Amerika wonen.

Manuel heeft vijf broers en zussen. Hij was 8 jaar oud toen hij en zijn oudere broer Gabriel op straat werden gezet. Ze werden beiden door hun stiefvader het huis uitgezet zodat er minder monden gevoed moesten worden. Hij vond dat ze oud genoeg waren om voor zichzelf te zorgen. Manuel komt uit een zeer arm gezin dat in één van de sloppenwijk van San Pedro Sula (Honduras) woont. Dit is de dodelijkste stad ter wereld.

Manuel vandaag

Na een paar moeilijke maanden op straat, werd Manuel door de politie gevonden in een gevaarlijke buurt van de stad. Manuel werd in een publiek opvangcentrum geplaatst, dat sterk op een gevangenis leek. Toen de staat in 2015 besloot om al haar weeshuizen en opvangcentra te sluiten en de kinderen aan meer geschikte partners toe te vertrouwen, kwam Manuel in ons kinderdorp in Honduras wonen.

Hij was gelukkig in onze kinderdorp, maar zijn hart bloedde nog steeds voor zijn andere broers en zussen. Daarom heeft Onze Kleine Weeskinderen er alles aan gedaan om via ons ‘one family’ programma, Manuel te verenigen met zijn broertjes en zussen. Nu woont hij met een familielid in het noorden van het land en ontvangt een studiebeurs van ons zodat hij zijn school kan afmaken.

Leven bij Onze Kleine Weeskinderen is het recht hebben om kind te zijn!

In onze kinderdorp heeft Manuel een veilige, zorgzame, liefdevolle, en luisterende omgeving gevonden. Sinds zijn aankomst heeft hij toegang gehad tot alles wat hij nodig had voor zijn groei en ontwikkeling: onderwijs en het recht op een familie. Onze Kleine Weeskinderen wilt dus de meest elementaire rechten van Manuel en van ieder kind opeisen.

Yamileth’s ervaring tijdens de lockdownperiode

Na de lange en zware lockdownperiode, snakken de mensen in Latijns-Amerika en Haïti naar vrijheid, hoewel de situatie er nog zeer fragiel is. De kinderen bij ons zijn zich ervan bewust dat zij veel geluk hebben om in de veilige omgeving van onze kinderdorpen of met de nodige hulp, in hun eigen familie te kunnen opgroeien. 

Daarvan getuigt ook Yamileth, uit het kinderdorp NPH El Salvador. Zij werd in ons kinderdorp opgevangen op 7-jarige leeftijd, omdat haar oma niet voor haar kon zorgen.

Yamileth schreef u een brief om u te vertellen hoe haar leven een positieve draai heeft genomen bij NPH, wat ze tijdens de quarantaine heeft gedaan en wat voor impact u als donateur heeft:


Liefste wereld,

Hallo, mijn naam is Yamileth en ik ben 19 jaar oud. Ik zit momenteel in mijn 2e dienstjaar en zorg voor een groep meisjes. Ik ben in het kinderdorp van NPH El Salvador aangekomen in 2008, toen ik 7 jaar oud was. Ik ging naar het eerste leerjaar.

Ik maak deel uit van deze grote familie, omdat mijn biologische familie niet de mogelijkheden heeft om mij een opleiding en een goede gezondheid te geven. Ik voel werkelijk dat ik deel uitmaak van de familie van NPH en het is een geweldige mogelijkheid om te kunnen studeren. Dankzij NPH heb ik geleerd om op te groeien met waarden, heb ik het 9e jaar(*) en ook een diploma van het middelbaar gehaald. Binnen een paar maanden mag ik aan de universiteit beginnen. Ik ben de familie NPH heel erg dankbaar voor alle mogelijkheden die mijn opvoeders en de donateurs mij geven. Dankzij het grote liefdeswerk van Pater Wasson, veranderde het leven van vele jongeren bij NPH.

Tijdens de quarantaine hebben we vele activiteiten gedaan in het kinderdorp, zoals sport, recreatiemiddagen en -avonden, zumbalessen en activiteiten die de tíos (**) hebben georganiseerd. In de meisjeshuizen hebben we ook kleine schoonheidsworkshops gehouden, zoals manicure en haartooi, maar ik genoot er het meeste van om de meisjes van het woonhuis waar ik een handje toesteek, te helpen. Het geeft me erg veel voldoening om mensen te helpen, op welke manier ook. Het is mooi om een kleiner broertje of zusje te zien slagen. We kijken ook films, knutselen, lezen, doen bordspelletjes en we wonen workshops bij over het belang van persoonlijke verzorging om de verspreiding van de pandemie te voorkomen, zoals het handen wassen.

Padrinos(***) hebben, is een zegen, want ze geven ons een tweede kans in het leven. Ze zijn zoals engelen die erover waken dat we al het nodige hebben voor onze persoonlijke vorming. Ze doen een groot werk van liefde en naastenliefde omdat hun gedachten en daden speciaal voor ons zijn. De donateurs zijn zoals een tweede familie voor mij, omdat ze een heel erg belangrijke rol spelen in onze levens en harten. Dank u voor al uw liefde en attenties voor ons!

Uitleg:
(*) In Latijns-Amerika gaat de basisschool tot aan het 9e jaar (vergelijkbaar met het 3e secundair hier in België).
(**) Een tío of tía betekent letterlijk ‘oom’ of ‘tante’ in het Spaans. Het is de naam die onze kinderen geven aan
hun opvoeders.
(***) Een padrino betekent letterlijk ‘peter’ of ‘meter’ in het Spaans. De kinderen gebruiken het ook als benaming
voor ‘beschermengel’, ‘donateur’, ‘vrienden van NPH’.

De brief in het spaans:

‘Ik kon als 12-jarige niet lezen en schrijven, nu ben ik elektricien.’

‘Ik was heel verdrietig toen mijn vader en moeder gingen scheiden. Ik kwam terecht bij verre familie, maar koos uiteindelijk voor een leven op straat, omdat er niemand was die voor mij zorgde. Ik moest werken en kon niet naar school gaan. De eerste dagen kon ik alleen maar huilen’, vertelt Oscar. Hij zwierf rond, ging niet naar school en verkocht brandhout om wat te kunnen eten.

Oscar trachtte te overleven op straat, maar al snel bleek dat zijn vrienden van jongs af aan in aanraking kwamen met alcohol, drugs en lijm snuiven. “Ik verloor mezelf bijna’’, zegt Oscar over die zware tijd.

Na zijn ontmoeting met een politieagent, kwam Oscar als 12-jarige in ons kinderdorp in Nicaragua terecht. Oscar leerde lezen, schrijven en rekenen. Op 3 jaar tijd maakte hij zijn lagere school af. Na de middelbare school volgde hij nog een opleiding tot elektricien.

Nu is Oscar in het kinderdorp verantwoordelijk voor de elektriciteitsvoorziening. Zo nam hij onder andere het initiatief voor de installatie van de eerste zonnepanelen, waarmee we op duurzame wijze zelf energie kunnen opwekken.

‘Ik wil mijn verhaal met anderen kunnen delen. Ik zal altijd deel uitmaken van de familie van Onze Kleine Weeskinderen (OKW). De band zal blijven, het zit in mijn bloed, in mijn botten en in mijn hart.’

Melissa en Melinda hebben elkaar…en ù om op te bouwen!

Wie Melissa en Melinda naast elkaar ziet lopen in ons kinderdorp in Honduras, ziet in één oogopslag dat het zusjes zijn. Ze zijn nu vier en zes jaar oud en ze groeien gezond en gelukkig op. De twee zijn onafscheidelijk: ze staan samen op, zitten naast elkaar aan de ontbijttafel, helpen samen bij het opruimen, gaan hand in hand naar school en ze spelen erg veel met elkaar.

De verjaardagen en feestdagen zoals Pasen en Kerstmis, zijn voor de meisjes heel speciale dagen. En op moederdag krijgen zij bezoek van hun WereldOuder, die zelf ook is opgegroeid in ons kinderdorp.

Al deze activiteiten dragen bij aan de hechte band die Melissa en Melinda met elkaar hebben, maar ook met hun andere broertjes en zusjes in het kinderdorp. “Ik vind het hier heel leuk en wij hebben veel vrienden en vriendinnetjes”, vertelt Melissa met een glimlach. De meisjes zijn een grote inspiratie voor de andere kinderen, die net zoals zij niet bij hun ouders kunnen opgroeien door armoede.

Samen sterker in één familie!

In onze kinderdorpen zetten we ons in om de band tussen broertjes en zusjes sterk te houden. We zorgen ervoor dat ze regelmatig samen activiteiten doen, zoals samen koken, want samen zijn schept een band voor het leven!